Het goede antwoord is B.
De vriendinnen plegen minimaal acht telefoontjes. Daarvoor is het nodig aan te tonen dat het ten eerste in acht gesprekken kan en ten tweede dat het met minder gesprekken niet lukt.
Hoe verbreiden de zes roddels zich? Welnu, A belt B, B belt C, C belt D, E belt F, E belt D, F belt C, C belt B en tot slot belt B weer naar A. Er zijn nog andere manieren om het in acht keer te doen maar kan het ook in zeven keer?
Zolang er nog één vriendin is die nog niet getelefoneerd heeft, zijn er nog minstens vijf gesprekken nodig om de informatie van die persoon te verspreiden onder de overigen. Immers, per gesprek neemt het aantal mensen dat die roddel kent, met hoogstens één toe.
Als er na drie gesprekken nog iemand is die nog niet gebeld heeft, zijn er nog minstens 3+5=8 gesprekken nodig. Om met minder gesprekken toe te komen moet na drie gesprekken iedereen al één keer gebeld hebben. Dat kan alleen als volgt: A belt B, C belt D, E belt F. Vervolgens kan A naar C bellen. Of D kan F bellen. Hoe dan ook, na vier keer bellen blijven er altijd twee personen over waarvan de roddels nog niet verspreid zijn. Omdat per gesprek het aantal personen dat over deze informatie beschikt met niet meer dan met één kan toenemen zijn er nog zeker vier gesprekken nodig om de informatie van die twee te verspreiden. In totaal zijn er daarom zeker 4+4 gesprekken nodig.